LTM 8-2002

Terug

Het Europees label voor innovatief talenonderwijs 

De Talenprijs 2002 werd georganiseerd door het Nationaal Bureau moderne vreemde talen (NaB mvt) in samenwerking met het Europees Platform. Op de speciaal voor deze talenprijs ingerichte website  http://www.talenprijs.com/ werden belangstellenden als volgt opgeroepen mee te doen: ‘Misschien heeft u aansprekende werkvormen bedacht voor gespreksvaardigheid, voor lees- of schrijfvaardigheid of organiseert u uitwisselingen waarbij systematisch aandacht is voor vreemdetaalverwerving, of weet u ict in te zetten op een levensechte, functionele en aantrekkelijke wijze waardoor uw leerlingen beter en met meer plezier leren. Als dat het geval is, ding dan mee naar het Europees Label voor innovatief talenonderwijs 2002’. 

De inzendingen 

De deelnemers moesten hun inzending vergezeld doen gaan van een ingevuld formulier met vragen als: Wat wilt U met het project bereiken? In hoeverre is het project motiverend voor de leerder? Waarin zit volgens U de innovatieve waarde van het project? Op welke wijze manifesteert zich de Europese dimensie? Daarbij werd geëist dat de projecten levensecht, functioneel, aantrekkelijk zijn en ook nog overdraagbaar. Deze uitgebreide vragenlijst moest voorkomen dat men lichtzinnig iets zou inzenden.
De jury had 8 van de 21 inzendingen genomineerd voor het Europees label voor innovatief talenonderwijs. De makers daarvan kregen tijdens de Landelijke Studiedag van Levende Talen op 2 november 2002 de gelegenheid hun werk te laten zien en toe te lichten.  

De digitaaltoets Frans  

Deze inzending, die in de prijzen viel, is afkomstig van Heleen de Hondt (cevo) en Dorine Smulders (citogroep) en betreft de ‘ontwikkeling van een prototype van een beeldscherm-examen voor het Centraal Examen moderne vreemde talen in de basisberoepsgerichte leerweg van het vmbo’. Het examen is op deze wijze ontwikkeld omdat vanaf 2003 de digitaaltoets het enige centrale examen zal zijn in de beroepsgerichte leerweg, waarna waarschijnlijk ook Duits zal volgen.
Het ingezonden proefexamen bestaat uit twee delen en staat op CD ROM.
De installatie op de harde schijf verloopt soepel. De leerlingen worden welkom geheten op een aantrekkelijk vorm gegeven beginscherm en met een vrolijk fragment van een Frans chanson.

Werkwijze 

Alle examenonderdelen hebben betrekking op het denkbeeldige collège sainte Madeleine in Villefranche-sur-Saône en zijn gebaseerd op de contacten die de leerlingen daarvan met hun Nederlandse leeftijdsgenoten onderhouden.
De makers van dit examen hebben veel videobeelden en geluidsfragmenten ingelast om een realistische weergave van echte contacten na te bootsen.
Daarbij is het ook een echt examen: er wordt geen feedback gegeven zoals waarom goed/fout, hints ed. Er is wel door de leerlingen op te roepen hulp bij het schrijven van de accenten.
Er zijn drie soorten vragen: multiple choice met drie-keuzevragen. Bij de luisterdelen staat een aantal Nederlandse zinnetjes, waarvan de leerlingen moeten aangeven of de inhoud daarvan aan de orde is gekomen. Schrijfvaardigheid wordt getoetst door middel van open vragen en opdrachten bij het e-mailen. 

Hebben de leerlingen een vraag beantwoord, dan klikken ze op volgende om verder te gaan, willen ze nog even terug, dan klikken ze op vorige. In een frame links op het scherm zien de leerlingen steeds uit hoeveel vragen het betreffende onderdeel bestaat waarbij een pijl aangeeft met welke vraag ze bezig zijn. Ook kunnen ze daar zien of ze alle vragen hebben beantwoord. Is dat het geval, dan mogen ze op de knop klaar toetsen, of nog even terug bladeren (zie afbeelding).
Het terug kunnen koppelen en het kunnen zien uit hoeveel vragen een onderdeel bestaat en hoever ze in dat onderdeel zijn gevorderd, lijkt me rustgevend voor de leerlingen.
Bij de leesteksten hebben de makers er goed aan gedaan om dat deel van de tekst waar de vraag op slaat, te kleuren, zodat de leerlingen weten waar ze het antwoord kunnen vinden. Dit lijkt me prettig werken voor deze doelgroep.
Om nog verder behulpzaam te zijn, hebben de makers de als moeilijk ervaren woorden onderstreept. Gaan de leerlingen er met de cursor op staan, dan zien ze de vertaling. Ook dit lijkt me, gezien de doelgroep, een prima idee. 

Inleiding 

Bij opening lezen de leerlingen dat het examen de volgende vaardigheden toetst: lezen, luisteren, kijken en schrijven. Voordat ze daarvan kunnen schrikken volgt de inleiding: ‘je leraar Frans heeft via internet een school gevonden die in contact wil komen met jongeren uit andere landen. De naam is collège ste Madeleine. Je wilt weten waar de school ligt. Klik op de knop situation géographique’. En daarmee begint het examen.  

Luistervaardigheid 

De leerlingen van de Franse school bepalen door wat ze te zeggen hebben over de streek waar ze wonen, hun school, hun leven, excursies enz de inhoud van het examen. Twee komen er uitgebreid aan het woord, Bilal en Zeinab.  

Bilal vertelt per video iets over de school, maar daar zijn geen vragen over. Dit fragment is kennelijk bedoeld om de leerlingen even aan zijn stem te laten wennen. Vervolgens vertelt hij iets over zichzelf, waarbij de leerlingen met een klik in het selectievlakje moeten kiezen welke antwoorden juist zijn. Er zijn meerdere antwoorden mogelijk: 

Is 15 jaar
Heeft geen broers en zusters
Houdt van sport
Houdt van chatten
Houdt van dansen
Houdt van uitgaan
Wil graag e-mailen 

De leerlingen kunnen de band stoppen en terugspoelen wanneer ze iets niet goed hebben verstaan. Ook deze mogelijkheid zal wel doelgroep gerelateerd zijn. 

Vervolgens komt Zeinab aan het woord. Ze vertelt weliswaar iets heel anders, maar de afgedrukte antwoorden zijn dezelfde als die van Bilal. Dat vergemakkelijkt de keus.
In hetzelfde eerste deel maken de leerlingen kennis met Véralie, een zangeres die ook op video geïnterviewd wordt door één van de Franse docenten. De vragen van de interviewer staan afgedrukt in het Frans zodat de leerlingen die al luisterend mee kunnen lezen. Deze worden dan nog eens herhaald in het Nederlands zoals te zien bij de volgende vraag:  

Alors, comment es-tu devenue chanteuse?
Hoe is Véralie zangeres geworden?

Daaronder dan 3 keuzemogelijkheden in het Nederlands. 

Schrijfvaardigheid 

Geen traditionele brieven in dit examen, maar eigentijdse chat- en emailsessies, zoals te zien op de afbeelding van de bij alle leerlingen bekende chatbox van MSN. De leerling ziet de tekst van Zeinab lettertje voor lettertje op het scherm verschijnen, alsof ze echt aan het typen is. Ze stelt zich voor. Dan verschijnt boven het tekstvak de opdracht: ‘zeg wie je bent en van welke nationaliteit’. Dit onderdeel bestaat uit zeven fragmentjes waarbij Zeinab zelfs een muziekje laat horen van de groep Noir Désir. Daarna de vraag: ‘tu connais’? en de opdracht: ‘zeg dat je de groep niet kent’. Zeinab kondigt aan het eind van het onderhoud het interview aan met Véralie en vraagt of haar gesprekspartner dat wil beluisteren. Uiteraard luidt de opdracht; ‘zeg dat je dat wel wilt’, waarna het vrij lange niet te eenvoudige interview volgt. Zo gaat schrijfvaardigheid naadloos over in luistervaardigheid, een zeer vernieuwende werkwijze. 

Leesvaardigheid 

Uiteraard veel vragen naar aanleiding van teksten die soms gesproken worden en tegelijk staan afgedrukt. Maar ook verslagen zoals van een excursie die de Franse leerlingen hebben gemaakt naar een dierentuin. Uiteraard eenvoudige korte gemengde berichten met soms maar één vraag. Er zijn ook een paar door de Franse leerlingen aanbevolen recepten opgenomen, maar die miste ik door een keurig gemelde ‘error’ waardoor ik niet meer heen en terug kon.  

Tweede deel 

In het tweede deel van het examen komen Zeinab en haar klasgenoten in de kerstvakantie naar Nederland. In de Thalys van Parijs naar Amsterdam maken zij een interview met de treinmanager. Ze hebben ook Franse folders en berichtjes meegenomen.
De Franse leerlingen verbazen zich over de piercings en tatoeages die ze bij de Nederlandse vrienden en vriendinnen zien en geven hier hun mening over, eveneens over al of niet roken. De vragen worden weer vergezeld van videobeelden en lees- en luistervaardigheid wisselen elkaar af.
Als dan de Franse leerlingen weer naar huis zijn, moeten de Nederlanders e-mailcontact met ze onderhouden. De inhoud daarvan hoeven ze niet zelf te bedenken, dat hebben de toetsmakers al gedaan. Het zijn opdrachten als: ‘vraag hoe het ermee gaat en of zij een goede reis hebben gehad, meldt dat de foto’s klaar zijn en dat je die op zult sturen. Je vraagt of Bilal ook foto’s heeft en of hij deze op wil sturen. En wat vond Bilal eigenlijk van Nederland? Je vraagt of hij een e-mail terugstuurt’. 

Het terugslageffect 

Het hele examen is gesitueerd rond het niet bestaande Franse collège Ste Madeleine in Villefranche-sur-Saône waarmee de Nederlandse leerlingen kennismaken. Ik ben even in die stad gaan kijken en vond daar zeven echte aanklikbare scholen zoals op de afbeelding is te zien.
De makers van dit examen hopen terecht dat de opzet daarvan een terugslageffect heeft op het daaraan voorafgaande onderwijs.
Als de scholen nu al weten dat in de komende examens van het vmbo bij Frans en Duits websites van buitenlandse scholen en het contact met de leerlingen daarvan een belangrijke rol gaan spelen, dan kunnen de docenten van die talen beter nu al beginnen, bijvoorbeeld met het leggen van contacten met scholen zoals die in alle steden en dorpen in Duitsland en Frankrijk zijn te vinden. Uit de echte interactie tussen de Frans/Duitse en Nederlandse leerlingen die vervolgens ontstaat, is niet alleen leerstof, maar zijn ook examens te distelleren. Levensechter lijkt me nauwelijks mogelijk.
En waarom zou deze vrije vorm van leren alleen voor de beroepsgerichte leerweg van het vmbo zijn weggelegd? Ook voor havo/vwo zou het examen kunnen bestaan uit de gecombineerde vaardigheden lezen, luisteren, schrijven, op dezelfde wijze levensecht vermengd zoals in dit vmbo-examen.
Cito en cevo, verantwoordelijk voor de eindexamens, Europees Platform en het expertisecentrum Nationaal Bureau moderne vreemde talen, initiatiefnemers van het Europees label voor innovatief talenonderwijs, die de criteria voor de inzendingen vaststellen, deze vier instanties zouden samen het talenonderwijs moeten sturen in de hierboven beschreven richting temeer omdat een leerling, die dit examen had gemaakt, opmerkte: ‘dit lijkt niet op een examen, want het is gewoon leuk’.

Levende Talen Magazine, december 2002

Terug


 © John Daniëls stuur een bericht aan het bureau LT